Ontstaan van de wetgeving

Tijdens een milieuconferentie in Kyoto in 1997 is afgesproken dat de landen die het protocol hebben ondertekend de co2 uitstoot in hun land
met tenminste 20% wordt teruggedrongen ten opzichte van de uitstoot in 1990.

Komt er een internationale overeenkomst tot stand? Dan moet de uitstoot zelfs met 30% worden teruggedrongen!

Europa heeft de afspraken in het verdrag van Kyoto vertaald in haar eigen “strategie Europa 2020”. De doelstellingen van deze strategie zijn:

  • Minimaal 20% minder uitstoot van broeikasgassen dan in 1990
  • 20% van de energie uit duurzame energiebronnen halen
  • 20% meer energie-efficiëntie

De EPBD gaat niet alleen over het inspecteren en beoordelen van het energiegebruik van gebouwen maar heeft een veel breder toepassingsgebied.

Onderstaand worden de punten uit de regeling aangehaald.
Vaststellen van een methode om te komen tot een in het algemeen kader passende rekenmethode voor de berekening van de energieprestatie van een gebouw.
Vaststelling door het betreffende land van minimum eisen voor de energieprestatie van een gebouw.
Eisen aan nieuwe gebouwen, waarbij de lidstaten dienen te zorgen voor een zo energieneutraal mogelijk gebouw.

Implementatie EPBD in Nederlandse wetgeving

Een Europese richtlijn is een wetgevend instrument van de Europese Unie. Een richtlijn die in werking is getreden, dient door elke EU-lidstaat geïmplementeerd te worden in haar nationale wetgeving. In Nederlands is de EPBD in onze wetgeving geïmplementeerd door middel van een wijziging van het “Besluit Energieprestatie Gebouwen” en de “regeling Energieprestatie Gebouwen”.
De Europese richtlijn energieprestatie van gebouwen (EPBD) heeft tot doel het stimuleren van een verbeterde energieprestatie voor gebouwen in de Europese Unie.

Welke gebouwen, klassen en installatietypen

Airconditioningsystemen worden in verschillende klassen ingedeeld.

  1. Klasse 1: Airconditioningsystemen met een totaal, op gebouwniveau, opgesteld nominaal koelvermogen van meer dan 12 KW tot en met 45 KW.
  2. Klasse 2: Airconditioningsystemen met een totaal, op gebouwniveau opgesteld nominaal koelvermogen van meer dan 45 KW tot en met 270 KW.
  3. Klasse 3: Airconditioningsystemen met een totaal, op gebouwniveau opgesteld nominaal koelvermogen van meer dan 270 KW.

Hoe de klasse van een gebouw wordt bepaald.

De EPBD gaat altijd uit van het gebouw, de aanwezige systemen en de geïnstalleerde koelcapaciteit. Dit bepaald de categorie (klasse) waarin het gebouw wordt ingedeeld.

Het gaat over een gebouw, dus alle systemen, of ze nu van de eigenaar of de huurder zijn, die in het gebouw zijn geïnstalleerd worden bij elkaar opgeteld als geïnstalleerd koelvermogen!

EPBD Klassen ( klasse 1, 2 en 3)

Airconditioningsystemen worden in verschillende klassen ingedeeld.
Klasse 1: Airconditioningsystemen met een totaal, op gebouwniveau, opgesteld nominaal koelvermogen van meer dan 12 KW tot en met 45 KW.
Klasse 2: Airconditioningsystemen met een totaal, op gebouwniveau opgesteld nominaal koelvermogen van meer dan 45 KW tot en met 270 KW.
Klasse 3: Airconditioningsystemen met een totaal, op gebouwniveau opgesteld nominaal koelvermogen van meer dan 270 KW.

Onderscheid inspecteur A en B

Het advies luid dat een EPBD Keuring moet worden uitgevoerd door een onafhankelijke partij, welke gebruik maakt van gecertificeerde deskundigen.

Deze deskundigen zijn in het bezit van een EPBD-A en/of EPBD-B certificaat. Voor het beperken van administratieve lasten en dus extra kosten voor bedrijven, is het aan te bevelen om de EPBD Keuring gelijktijdig uit te laten voeren met andere al dan niet verplichte inspecties aan gebouw gebonden installaties, kijk eens naar onze overige diensten welke goed zijn te combineren.

Inspecteur A omvat de meer praktische handelingen en alle handelingen welke die aan de “F-gassen inspectie” gerelateerd zijn.

Inspecteur B omvat het beoordelen van de door inspecteur A aangeleverde materialen bestaande uit de inspectierapporten van grotere en uit meerdere delen samengebouwde systemen. Inspecteur B dient van deze een samenstelling te maken

Wettelijk verplichtingen aan bedrijf, inspecteur en rapporten

In de staatcourant Nr. 32499 van 29 november 2013 staat de gehele regeling beschreven waaraan moet worden voldaan.
In dit document staat omschreven waaraan het bedrijf, de inspecteur en het rapport aan moet voldoen. Tevens wordt in dit document uitgebreid omschreven wat de totale regeling inhoud. Het document is hier te downloaden.

Download document

Rapportage vorm

Van elke inspectie moet er rapportage worden gedaan. De volgende gegevens dienen in de rapportage te zijn opgenomen:
– Gegevens van de inspecteur inclusief certificaatnummer
– Naam en adres van het uitvoerende bedrijf inclusief F-gassen certificaat.
– Datum van de inspectie
– Handtekening van de inspecteur
– Adres van het pand waar zich het systeem bevind
– Beschrijving van het systeem, inclusief het type systeem en de hoofdcomponenten
– Overzicht van de relevante documentatie betreffende het geïnspecteerde systeem
Wij gebruiken een rapport welke digitaal word aangeleverd, tevens kan het rapport voorzien worden van een QR-code welke u middels elk willekeurig device, die een dergelijke code kan scannen, het rapport kan downloaden!

Welke gebouwen vallen onder de EPBD

Gebouwen met comfortkoeling en gebruiksfuncties die vallen in onderstaande categorie:

  • Celfunctie
  • Gezondheidszorgfunctie:
  • Kantoorfunctie:
  • Logiesfuncties:
  • Onderwijsfunctie:
  • Sportfunctie:
  • Winkelfunctie:
  • Woonfunctie:
  • Overige gebruiksfunctie.

Type systemen:

Sinds het introduceren van comfortkoeling voor gebouwen zijn diverse soorten systemen bedacht om dit te realiseren. De vorm en uitvoering van de systemen wordt mede bepaald door de uitvoering van het gebouw en/of de ruimte die geconditioneerd moet worden, maar ook door de warmte die in het gebouw wordt geproduceerd. De huidige ontwikkeling, in met name de automatisering, leiden er toe dat de warmtelast in gebouw door computers en randapparatuur een steeds grotere bron van interne warmte wordt en daarmee de vraag naar comfortkoeling ook steeds groter wordt. Als de systemen niet goed op elkaar afgestemd worden kan er een onnodig energie verbruik of onnodige comfortklachten ontstaan.

Energieverbruik:

Zoals aangegeven heeft de toestand van het ene systeemdeel invloed op de werking en het energieverbruik van het andere systeemdeel.
Het opgenomen elektrisch vermogen neemt af bij een hogere weerstand (bijvoorbeeld een vervuild filter). Een ander onderdeel dat van invloed is op het juist functioneren van een systeem, het comfort van de gebruikers van het gebouw en het energiegebruik van het systeem in zijn geheel, is de regeling. Afstellen van deze regelingen afzonderlijk, maar ook in samenhang met eventuele andere regelsystemen in het gebouw en/of het systeem, is van essentieel belang voor het juist functioneren en het beperken van het energieverbruik.